Ok, de tweede indruk van Belgrado. Rommelig. Wat meteen opvalt zijn de verschillende bouwstijlen door elkaar. ‘Onze’ wijk Zemun bestaat uit laagbouw, leuke oude huizen met rode daken tussen een paar foeilelijke flatgebouwen.
Ook in het centrum is veel lelijks, graffiti, afgebladderde muren, zwerfvuil, overal geparkeerde auto’s, ook op de stoepen. Geen raamkozijn staat strak in de lak. Aan afvalscheiding doen ze hier niet, en binnen roken is weer de gewoonste zaak van de wereld. De stad is behoorlijk groen, mede door het onkruid. Een onderhouden tuintje hebben we nog niet gezien. Bloemperken zijn schaars. Enorme nieuwbouwprojecten stampen de grond uit. Daar is ook meteen de omgeving beter verzorgd, hoewel hier en daar de straatverlichting niet werkt of aan staat. Het is een uitgestrekte stad, de afstanden zijn groot, brede wegen lopen er doorheen, waardoor er relatief veel tunneltjes, viaducten en beton te zien zijn.
Toch hebben we ook wel weer wat fraaie beelden kunnen vastleggen, die zijn er zeker ook! De derde indruk. Je moet er een beetje naar zoeken, maar we komen ook op bijzondere plekken. Belgrado is een levendige stad met veel café’s en restaurants. Goede koffie ook π. En we voelen ons ondanks het rauwe randje heel veilig. Alle OV is gratis, nog een groot goed, en we maken er dankbaar gebruik van, want fietsen is een zeldzaamheid.
De indrukwekkende orthodoxe kerk Saint Sava is goed onderhouden en torent boven de stad uit. Ook vanbinnen is het mooi. Het interieur is één van de grootste mozaïeken ter wereld, ingelegd met steentjes van 1 bij 1 centimeter.
‘s Avonds, als de verlichting brandt, zien we de stad op z’n mooist. Er zijn veel leuke, alternatieve tentjes. De eerste avond gingen we op zoek naar een eerder op internet gevonden vegetarisch restaurantje. Toen we voor de deur stonden, zagen we alleen een keukentje van vier vierkante meter en welgeteld één bezet tafeltje buiten. Toch zaten we goed. “Willen jullie wat eten? Dat kan hoor, maar ik heb alleen wat er vandaag op het menu staat, en de tafel is bezet”, lacht ze, “want er zijn vrienden op bezoek.” We geven aan wel een ander plekje te zoeken, maar daar wil ze niks van horen. “Zoek maar een terras waar je kunt zitten, wacht, ik loop mee.” Ergens 100 meter verderop belanden we op een terras van een alternatief café, temidden van geparkeerde auto’s. “Geef me 20 minuten”. Veertig minuten later komt ze met in elke hand een volgeladen bord aangewandeld en smullen we van haar vegetarische daghap. De jongen van het café die voor de drankjes zorgt, vraagt daarna of het gesmaakt heeft π. We lopen terug met de lege borden en rekenen af. Zoiets kennen wij toch niet.
De dag erna maken we een stadswandeling en bezoeken we het stadsstrand. En dit stadsstrand is ook leuk, hoewel het qua gezellige aankleding dan weer net de plank misslaat, vinden we. Maar het idee is mooi: Ada Ciganlija is een 7 kilometer lang kiezelstrand rondom een ingedamde zijtak van de rivier de Sava. Je vindt er beachclubs, restaurants en sportmogelijkheden (waterskiën, kajakken, beachvolleybal).
En dan is er nog de geschiedenis. Onze bloedserieuze gastheer met de onuitspreekbare naam (“Noem me maar Maik”) vindt dat we naar het Joegoslavië Museum moeten. Dat kan helemaal geen kwaad, want wat weten we nou helemaal van de geschiedenis van dit land? Maar het museum blijkt een aanfluiting. Meestal ben ik degene die denkt ‘waar kijk ik naar?’, maar we hebben het allebei. Het ontbreekt ons aan context en dat gaan we hier helaas niet vinden. Op hetzelfde terrein ligt het graf van Tito. Ook is er een tijdelijke tentoonstelling over kunstuitingen in en na de concentratiekampen van de Tweede Wereldoorlog. Dat maakt dan weer wél indruk.
Net als het voormalige gebouw van het Ministerie van Defensie. We lopen er bij toeval langs en zien een half in elkaar gestort leeg complex zonder ramen. We zijn verbaasd: dit lijkt geen ‘normale’ bouwval. Zien we nou, bijna dertig jaar na data, nog bomschade? Foto’s maken is verboden, staat op de vele bordjes eromheen. Pas later (als we weer wifi hebben π) lezen we erover. We zagen het goed. De discussie gaat over de bestemming: laten staan als herdenkingsmonument aan de oorlog of afbreken voor nieuwbouw? En tot er een definitief besluit wordt genomen, gebeurt er helemaal niks.
Al met al hebben we in vier dagen een gevarieerd beeld van Belgrado gekregen. Een stad in (weder)opbouw met nog veel achterstallig onderhoud, oud en nieuw door elkaar. Het is interessant om deze stad te hebben bezocht, maar qua schoonheid niet direct een aanrader voor een weekendtrip, wat ons betreft π. Het is maar net waar je van houdt.