“Alles voor Noorwegen” 🇳🇴

Gepubliceerd op 8 september 2026 om 19:52

De dag nadat we aankomen in Oslo, overleed koning Harald van Noorwegen. Het plein voor het paleis, dat hoog midden in de stad staat, stroomt langzaam vol. Terwijl de vlag aan het paleis halfstok wordt gehesen, kun je - ondanks de toestroom - een spelt horen vallen. Er klinken 21 kanonschoten als eerbetoon. Het is een bijzondere ervaring, de koning was zichtbaar geliefd. 

We vinden Oslo een erg leuke stad en heerlijk om doorheen te fietsen. Net als de rest van het land is het er relatief stil (alles elektrisch, weinig mensen, geen snelwegen). Gelukkig is het de avond ervoor zonnig, waardoor het wel gezellig vol is op terrassen en openbare zwemplekken in de stad. De dag erna slaat het weer en de sfeer om. Wij kiezen ervoor een mooie boottocht te maken en plannen een saunabezoek op een van de floating sauna’s van de stad. Je betaalt entree voor anderhalf uur en mag gebruik maken van meerdere huisjes die op vlotten in het fjord drijven. Wel zelf het vuur en ongeveer de tijd in de gaten houden. Liggen we ineens te dobberen in het koude water van het Oslofjord, vlak voor het - als gletsjer gebouwde - operagebouw! 

De architectuur in Noorwegen is ons eerder opgevallen. Bouwen kunnen ze hier wel. Noorwegen kent 18 officiële toeristische routes. De wegen combineren ruige natuur (fjorden, bergen en kusten) met moderne architectuur, kunst en design op rustplaatsen. Ze hebben elk hun eigen ‘hoogtepunt’, soms letterlijk. Drie van die routes hebben we gereden, zoals die over de Hardangervidda. Deze route voerde ons als een soort kurkentrekker door een tunnel naar een hoogte, waar ons een indrukwekkende klif wachtte. Fascinerend is de abrupte overgang van het vlakke plateau van Hardangervidda naar een steile en ruige riviervallei, waarin een waterval, de Vøringsfossen, 182 meter de diepte in stort. Over de klif is in 2020 een stalen voetgangersbrug gebouwd. Halverwege sta je bijna pal boven de waterval. Dan maar hopen dat de brug blijft hangen… 🙈. Niet iedereen van ons durft dit risico te nemen, maar gelukkig zijn er meerdere uitzichtpunten, ook aan de kant waar de camper geparkeerd staat. Blijft een wonder hoe ze die brug daar überhaupt hebben gekregen. In Oslo kijken we een tijdje naar de speeltoestellen waar Noorse kindertjes al vroeg worden blootgesteld aan dit soort ‘kliffen’ 😂. 

De toeristenroutes zijn perfect om een overnachtingsplaats met uitzicht te vinden. Wat is het genieten in deze prachtige natuur van fjorden, bergen en gletsjers. We houden van de uitgestrekte hoogvlaktes en maken er mooie wandelingen, waarbij we niemand tegenkomen. Behalve waar massaal bosbessen groeien: ze zijn rijp en worden door een enkele Noor ‘geplukt’. Dat gaat met een soort schep waar meteen een bakje aan hangt. Handig. 

Het hoogseizoen lijkt achter ons te liggen, maar hoe zuidelijker we komen, hoe meer mensen er zijn. In veel toeristenplaatsen horen we meer Spaans dan Noors om ons heen. Dit komt door een structureel Noors personeelstekort, waardoor bedrijven en overheid gericht werven op Engels- en Spaanssprekenden. De hoge lonen in combinatie met vrij werkverkeer (geen werkvisum nodig) maakt Noorwegen voor hen blijkbaar erg aantrekkelijk. Ook al lijkt het in dit gedeelte van Noorwegen drukker, er is altijd plek op de campings en we reserveren eigenlijk nooit. We zien hier geen rendieren meer. Wel heel veel schapen! Regelmatig vragen we ons af hoe het kan dat die allemaal los lopen. Ook hier geeft chat de oplossing: aan het eind van de zomer is het een gezamenlijke taak van boeren en vrijwilligers om de berggebieden systematisch uit te kammen. Speciaal getrainde honden helpen de kuddes op te sporen. En als er één schaap over de dam is … 😉. Dát dus! Zo worden ze naar bepaalde plekken in het dal gedreven. Aan het oormerk zien de boeren vervolgens welk dier van hen is. Daar gaan de schapen op stal voor de winter. Mooi, die gemeenschapszin, waardoor de schapen ‘s zomers alle ruimte krijgen. 

We laten de schaapjes voor wat ze zijn en trekken via Zweden verder zuidwaarts. We zien weer een andere kant van Zweden wanneer we Jeroen en Petra opzoeken in het charmante Björholmen, op het eiland Tjörn. Wat een vervreemdend rotsachtig landschap en wat fijn elkaar daar te zien op dit stukje Zweden dat voelt als ‘einde van de wereld’! Kamperen mogen we er niet, maar we voelen ons erg welkom in hun schattige Zweedse huisje aan deze prachtige scherenkust. Uitgezwaaid door onze vrienden sluiten we met een brede glimlach Noorwegen en Zweden af. De terugweg is ingezet.